Verwijderbevestiging
verwijderenannuleren

Advertorial

Ontdek het gemak van de NS-Business Card.

Met de NS-Business Card checkt u op het begin- en eindstation in en uit en reist u van deur-tot-deur met de trein, OV-fiets, taxi of Greenwheels-huurauto. Zo besparen u én uw medewerkers tijd en geld. En zonder gedoe omdat u achteraf één overzichtelijke maandfactuur ontvangt. Kijk op ns.nl/mkb

Advertorial

Inspiratiesessie crossborder E-tailing 8 juni

Kom op 8 juni naar de inspiratiesessie crossborder E-tailing, voor de online trends in de ons omringende landen. Meer informatie en aanmelden, klik hier

Advertorial

Gratis Exact Online bedrijfssoftware op proef

Ontdek het gemak van online bedrijfssoftware met Exact Online. Via internet en mobiel inzicht in bedrijfsresultaten en de administratie bereikbaar. Voor handelsbedrijven, zakelijk dienstverleners en de boekhouding. Nu 30 dagen GRATIS!

MKB Marktplaats

Kort nieuws

Follow buscompleet on Twitter

Exact Online, dé online bedrijfssoftware op proef

Via internet uw bedrijfsadministratie bijhouden en resultaten raadplegen? Het kan met Exact Online bedrijfssoftware. 30 dagen GRATIS op proef!

Wijzigingswet Financiele-verhoudingswet enz. (herziening verdeelstelsel Provinciefonds)


Wet van 6 november 1997 tot wijziging van de Financile-verhoudingswet en enkele andere wetten en regels inzake de invoering van deze wijziging in verband met een herziening van het verdeelstelsel voor het Provinciefonds

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is nieuwe regels te stellen inzake de financile verhouding tussen het Rijk en de provincies, deze regels op te nemen in de Financile-verhoudingswet en daartoe deze wet en andere wetten te wijzigen en regels te stellen inzake de invoering van deze nieuwe regels;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:


HOOFDSTUK I. WIJZIGING VAN ENKELE WETTEN


Paragraaf 1.1 Wijziging Financile-verhoudingswet


Artikel 1

[Wijzigt de Financile-verhoudingswet.]


Paragraaf 1.2 Wijziging Provinciewet


Artikel 2

[Wijzigt de Provinciewet.]


Paragraaf 1.3 Wijziging Algemene wet bestuursrecht


Artikel 3

[Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht.]


Paragraaf 1.4 Wijziging Wet op het specifiek cultuurbeleid


Artikel 4

[Wijzigt de Wet op het specifiek cultuurbeleid.]


Paragraaf 1.5 Wijziging Invoeringswet Financile-verhoudingswet


Artikel 5

[Wijzigt de Invoeringswet Financile-verhoudingswet.]


HOOFDSTUK II. EERSTE VASTSTELLING VAN DE VERDEELMAATSTAVEN VOOR HET PROVINCIEFONDS EN DE BEDRAGEN PER EENHEID DIE BEHOREN BIJ DE VERDEELMAATSTAVEN


Paragraaf 2.1 Algemeen


Artikel 6

In dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a.
Onze Ministers: Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Onze Minister van Financin;
b.
het CBS: het Centraal bureau voor de statistiek;
c.
rastervierkanten: vierkanten van 500 bij 500 meter, zoals deze worden gebruikt in het geografisch basisregister van het CBS;
d.
de uitkeringsfactor: het quotint van het voor de algemene uitkeringen beschikbare bedrag en de som van de uitkeringsbases.

Artikel 7

1.
In afwijking van artikel 8, derde lid, van de Financile-verhoudingswet worden bij de verdeling van het provinciefonds voor de eerste maal de verdeelmaatstaven gehanteerd die zijn vermeld in bijlage 1 bij deze wet. Op de hantering van de maatstaven zijn de bepalingen van dit hoofdstuk van toepassing. Bij regeling van Onze Ministers kunnen nadere voorschriften worden gegeven omtrent de toepassing van de in dit hoofdstuk en bijlage 1 gebruikte begrippen en omtrent de wijze van telling van het aantal eenheden per verdeelmaatstaf.
2.
In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Financile-verhoudingswet gelden voor de maatstaven, bedoeld in het eerste lid, voor het eerste uitkeringsjaar na de inwerkingtreding van deze wet de bedragen per eenheid die zijn vermeld in bijlage 2 bij deze wet. Onze Ministers kunnen deze bedragen aanpassen in verband met wijzigingen ten aanzien van het fonds over de jaren 1997 en 1998, die door middel van wijzigingen in de bedragen per eenheid over de provincies verdeeld behoren te worden. Artikel 9, tweede lid, van de Financile-verhoudingswet blijft buiten toepassing bij de vaststelling van de bedragen per eenheid voor bedoelde maatstaven.

Paragraaf 2.2 De vaststelling van het aantal eenheden


Artikel 8

1.
Bij de vaststelling van de algemene uitkering aan een provincie stellen Onze Ministers zo nodig het aantal eenheden per verdeelmaatstaf voor de provincie vast. Voor zover in de bijlage bij een verdeelmaatstaf een bron is vermeld, kunnen Onze Ministers het aantal eenheden ontlenen aan een opgave van het vermelde orgaan of de vermelde instantie.
2.
De vaststelling van het aantal eenheden per verdeelmaatstaf voor een provincie geschiedt naar de toestand op 1 januari van het uitkeringsjaar waarover het aantal wordt vastgesteld, tenzij in de bijlage een peildatum bij een verdeelmaatstaf is vermeld. In dat geval geschiedt de vaststelling naar de toestand op deze datum.
3.
Indien op grond van het tweede lid een peildatum moet worden gehanteerd die ligt vr de datum van instelling van de provincie of vr de datum waarop de grenzen van de provincie zijn gewijzigd, stellen Onze Ministers het aantal eenheden vast op basis van een redelijke schatting van de toestand zoals die op de peildatum zou zijn geweest als de instelling of wijziging op die datum reeds was ingegaan.

Paragraaf 2.3 Bijzondere bepalingen in verband met enkele verdeelmaatstaven


Artikel 9

1.
Bij de bepaling van het totaal van de in een kalenderjaar ontvangen hoofdsommen van de motorrijtuigenbelasting, wordt het tarief van de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994 gehanteerd, zoals dat geldt op 1 april 1995. De verhoging van de belasting, bedoeld in artikel 23, tweede lid, van die wet en de vermindering van de belasting, bedoeld in de artikelen 28 en 68 van die wet, blijven buiten beschouwing.
2.
In afwijking van het eerste lid wordt voor de periode tot 1 april 1997 bij de bepaling van het totaal van de in een kalenderjaar ontvangen hoofdsommen van de motorrijtuigenbelasting, het tarief van de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1966 gehanteerd, zoals dat luidde bij aanvang van het kalenderjaar 1980. De vermeerdering van belasting, bedoeld in artikel 6 van die wet en het vaste bedrag, genoemd in artikel 8, tweede lid, onderdeel a, van die wet, blijven buiten beschouwing.

Artikel 10

1.
De omgevingsadressendichtheid van een adres is het aantal adressen in de omgeving van het adres, gedeeld door het oppervlak in vierkante kilometers van de omgeving.
2.
De omgeving van een adres wordt gevormd door het rastervierkant, waarin het adres is gelegen en de twaalf meest nabijgelegen rastervierkanten.

Artikel 11

1.
Onze Ministers stellen het aantal kilometers gewogen weglengte van de wegen in beheer bij de provincie vast, door het aantal kilometers weglengte van de wegen die in beheer zijn bij de provincie te vermenigvuldigen met een wegingsfactor die een maat is voor de kosten per kilometer van het onderhoud van de wegen in de provincie, in verhouding met die kosten in alle provincies.
2.
Op de voorbereiding van het besluit, bedoeld in het eerste lid, is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.

HOOFDSTUK III. OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN


Paragraaf 3.1 Overgangsmaatregelen in verband met de herverdeling


Artikel 12

1.
De algemene uitkering over de jaren 1998 tot en met 2000, zoals deze voor een provincie wordt vastgesteld overeenkomstig hoofdstuk 2 van de Financile-verhoudingswet, wordt vermeerderd of verminderd met een bedrag overeenkomstig de kolommen 1 tot en met 3 in de tabel die als bijlage 3 bij deze wet is gevoegd.
2.
De algemene uitkering over de jaren 2001 en volgende, zoals deze voor een provincie wordt vastgesteld overeenkomstig hoofdstuk 2 van de Financile-verhoudingswet, wordt vermeerderd of verminderd met een bedrag overeenkomstig kolom 4 in de tabel die als bijlage 3 bij deze wet is gevoegd.
3.
De bedragen, bedoeld in het eerste en tweede lid, worden vermenigvuldigd met het quotint van de uitkeringsfactor over het uitkeringsjaar en de uitkeringsfactor over het jaar 1998. De uitkeringsfactor is het quotint van het voor de algemene uitkering beschikbare bedrag en de som van de uitkeringsbases.

Paragraaf 3.2 Overige bepalingen


Artikel 13

1.
De vaststelling van een uitkering uit het provinciefonds over de uitkeringsjaren voor de inwerkingtreding van deze wet en de rechtsgedingen die daarop betrekking hebben, geschieden volgens de wettelijke regels, zoals deze luidden voor inwerkingtreding van deze wet.
2.
Indien de over de uitkeringsjaren vr de inwerkingtreding van deze wet verrichte betalingen aan een provincie hoger of lager zijn dan de voor die uitkeringsjaren vastgestelde uitkeringen wordt het verschil teruggevorderd of uitbetaald. Het verschil komt ten goede aan of ten laste van het provinciefonds.
3.
Het Besluit rivierdijkversterking/hoofdwaterkeringen Provinciefonds berust na de inwerkingtreding van deze wet op artikel 13 van de Financile-verhoudingswet. Op dit besluit is artikel 13, derde lid, van de Financile-verhoudingswet niet van toepassing.

Artikel 14

De tekst van de Financile-verhoudingswet wordt in het Staatsblad geplaatst.


Artikel 15

1.
Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.
2.
De tweede volzin van artikel 13, derde lid, vervalt op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te 's-Gravenhage, 6 november 1997

Beatrix

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken,

A. G. M. van de Vondervoort

De Minister van Binnenlandse Zaken,

H. F. Dijkstal

De Staatssecretaris van Financin,

W. A. F. G. Vermeend

De Minister van Financin,

G. Zalm

Uitgegeven de twintigste november 1997

De Minister van Justitie,

W. Sorgdrager


Inhoudsopgave

HOOFDSTUK I

Wijziging van enkele wetten

Paragraaf 1.1.

Wijziging Financile-verhoudingswet

Paragraaf 1.2.

Wijziging Provinciewet

Paragraaf 1.3.

Wijziging Algemene wet bestuursrecht

Paragraaf 1.4.

Wijziging Wet op het specifiek cultuurbeleid

Paragraaf 1.5.

Wijziging Invoeringswet Financile-verhoudingswet

HOOFDSTUK II

Eerste vaststelling van de verdeelmaatstaven voor het provinciefonds en de bedragen per eenheid die behoren bij de verdeelmaatstaven

Paragraaf 2.1.

Algemeen

Paragraaf 2.2.

De vaststelling van het aantal eenheden

Paragraaf 2.3.

Bijzondere bepalingen in verband met enkele verdeelmaatstaven

HOOFDSTUK III

Overgangs- en slotbepalingen

Paragraaf 3.1.

Overgangsmaatregelen in verband met de herverdeling

Paragraaf 3.2.

Overige bepalingen

BIJLAGE 1

De verdeelmaatstaven (bijlage bij artikel 7, eerste lid)

BIJLAGE 2

De bedragen per eenheid over het uitkeringsjaar 1998 (bijlage bij artikel 7, tweede lid)

BIJLAGE 3

Overgangsmaatregelen in verband met de herverdeling (bijlage bij artikel 12)



BIJLAGE 1. De verdeelmaatstaven (bijlage bij artikel 7, eerste lid)

1 Het voor het kalenderjaar bepaalde totaal van de hoofdsommen van de motorrijtuigenbelasting, van de in de provincie wonende of gevestigde houders van een personenauto of motorrijwiel gedeeld door de uitkeringsfactor over het uitkeringsjaar. Het totaal wordt bepaald door aan de hand van het totaal van de in het kalenderjaar ontvangen provinciale opcenten te berekenen hoeveel hoofdsommen zouden zijn ontvangen, indien het in artikel 9 bedoelde tarief wordt gehanteerd. Onze Minister van Financin 31 december van het jaar, twee jaar voorafgaand aan het uitkeringsjaar
2 a en b Het aantal inwoners van de provincie. Daarbij vindt een verdeling plaats in twee maatstaven, overeenkomstig de volgende groepsindeling: a. het aantal inwoners; b. het aantal inwoners boven de 640 000 inwoners. Bij de toepassing van maatstaf 2b wordt een aantal kleiner dan 640 000 op dat aantal vastgesteld. CBS  
3 a en b Het aantal inwoners van binnen de provincie gelegen rastervierkanten. Daarbij vindt een verdeling plaats in twee maatstaven, overeenkomstig de volgende groepsindeling: a. het aantal inwoners van rastervierkanten met een omgevingsadressendichtheid die groter is dan of gelijk is aan 1500 adressen per vierkante kilometer; b. het aantal inwoners van rastervierkanten met een omgevingsadressendichtheid die kleiner is dan of gelijk is aan 1000 adressen per vierkante kilometer. Bij de toepassing van maatstaf 3b geldt een maximum-aantal van 607 000 inwoners. CBS  
4 Het aantal hectaren land in de provincie. CBS De meest recente, vr het uitkeringsjaar vastgestelde bodemstatistiek
5 Het aantal hectaren water in de provincie. CBS De meest recente, vr het uitkeringsjaar vastgestelde bodemstatistiek
6 Het totaal van de volgende aantallen: 1. het aantal hectaren land in de provincie, in gebruik ten behoeve van de land-, bos- en tuinbouw; 2. het aantal hectaren natuurterrein in de provincie. CBS De meest recente, vr het uitkeringsjaar vastgestelde bodemstatistiek
7 Het aantal kilometers gewogen weglengte, van de wegen in beheer bij de provincie.   1 januari 1993
8 Het aantal in het kalenderjaar in de provincie verbruikte eenheden elektriciteit in miljoenen Gigawattuur. CBS 31 december 1992
9 n eenheid voor iedere provincie.    


BIJLAGE 2. De bedragen per eenheid over het uitkeringsjaar 1998 (bijlage bij artikel 7, tweede lid, als gewijzigd bij ministeriele regeling van 29 maart 1999, nr FO99/U58445, Stcrt. 1999, 71)

Nr. Verdeelmaatstaf Guldens per eenheid (na aanpassing)
1 Motorrijtuigenbelasting - 91,22 per f 100 hoofdsom
2a Inwoners 43,79
2b Inwoners boven 640.000 21,13
3a Inwoners in stedelijke gebieden 30,40
3b Inwoners in landelijke gebieden 37,74
4 Land 101,26
5 Water 69,39
6 Groen 38,13
7 Gewogen weglengte 53.584,61
8 Elektriciteitsverbruik 779,51
9 Vast bedrag 10.632.223,94


BIJLAGE 3. Overgangsmaatregelen in verband met de herverdeling (bijlage bij artikel 12)

 
 

Kolom 1

Kolom 2

Kolom 3

Kolom 4

Kolom 5

 

Uitkeringsjaar

Uitkeringsjaar

Uitkeringsjaar

Uitkeringsjaar

Uitkeringsjaar

 

1998

1999

2000

2001 en volgende

2001 en volgende

    

(guldens)

(euro's)

Groningen

8 117 432

6 851 651

5 585 870

4 320 090

1 960 371

Frysln

4 222 289

2 907 350

1 592 410

277 471

125 911

Drenthe

7 688 098

5 969 923

4 251 748

2 533 572

1 149 685

Overijssel

 1 231 682

 2 139 213

 3 046 744

 3 954 275

 1 794 372

Gelderland

 10 343 350

 7 696 388

 5 049 426

 2 402 464

 1 090 191

Utrecht

15 199 702

11 188 292

7 176 882

3 165 471

1 436 428

Noord-Holland

 20 487 288

 16 230 182

 11 973 075

 7 715 969

 3 501 354

Zuid-Holland

 11 624 664

 9 270 219

 6 915 774

 4 561 329

 2 069 841

Zeeland

10 837 941

9 600 942

8 363 942

7 126 943

3 234 066

Noord-Brabant

1 517 363

1 563 857

1 610 351

1 656 846

751 844

Limburg

4 309 139

3 235 959

2 162 780

1 089 601

494 439

Flevoland

 8 204 980

 5 981 972

 3 758 964

 1 535 957

 696 987


Wettenbank

Advertorial

Alles draait om veerkracht.

Het zijn onzekere tijden voor werkgevers. Maar wat organisaties weerbaar maakt, is flexibiliteit. Of liever: veerkracht. Tempo-Team helput u graag om uw organisatie veerkrachtiger te maken. Bekijk op tempo-team.nl/blijfbezig hoe andere organisaties met onze HR-oplossingen hun veerkracht hebben vergroot.

Inloggen

Wachtwoord vergeten?

Klik hier

Geen lid?

Klik hier