Nationalisme is bedreiging voor economie
ABCOUDE - Ze doen het ook in Nederland goed: de ‘nieuwe nationalisten’: partijen die zich populair maken door zich te verzetten tegen immigratie, of tegen de globalisering. Maar juist dit ‘nieuwe nationalisme’ is een bedreiging voor onze levensstandaard.
Realiteit miskennen
Uitzendbureau Manpower stelt in de studie ‘Borderless Workforce’ dat het nieuwe nationalisme een grote bedreiging is voor de wereldeconomie. Dat geldt in het bijzonder voor de economieën van rijke landen. Landen die het 'nieuwe nationalisme' omarmen, miskennen de internationale realiteit van de werknemer die overal kan en wil werken.
Achter werk aan
Er zijn nog veel plekken waar veel vraag is naar personeel, terwijl er op andere plekken een overschot is. Hierdoor trekken werknemers achter het werk aan. Nog nooit waren zoveel arbeiders werkzaam buiten hun geboorteland. Wereldwijd leven zo’n 190 miljoen mensen buiten hun geboorteland. Dat betekent dat één op de 35 mensen wereldwijd migrant is. Hun aantal groeit met zo’n drie procent per jaar.
Immigratiecijfer
Veel landen zijn volgens Manpower onvoldoende in staat om het gebrek aan balans op te heffen door flexibeler om te gaan met arbeid. The Economist omschreef het als volgt: “De vraag die nu in de rijke wereld wordt gesteld, of het hoge immigratiecijfer duurzaam vol te houden is, zou wel eens de verkeerde vraag kunnen zijn. Mogelijk is het immigratiecijfer lang niet hoog genoeg.”
Kenniswerk
Vooral kenniswerkers zijn mobiel. In Nederland roept Manpower dan ook op tot actie tegen de uitstroom van gekwalificeerd personeel. Hans Leentjes, Algemeen Directeur Manpower Nederland: “Uit onderzoek onder 750 werkgevers bleek dat zowel bedrijfsleven als overheden onvoldoende doen om het vertrek van arbeidskrachten naar het buitenland tegen te gaan, of om deze mensen over te halen terug te keren naar hun eigen land nadat zij hun werkzaamheden of studie in het buitenland hebben afgerond. We moeten beter ons best doen om onze meest gekwalificeerde arbeidskrachten binnen te houden, maar daarnaast moeten we ook bedenken hoe we onszelf als werkgevers beter kunnen profileren, om meer talent uit het buitenland aan te trekken dat ons huidige en toekomstige tekort aan gekwalificeerd personeel kan opvullen.”
Babyboom met pensioen
Dat het toekomstige tekort aan personeel een serieus probleem is, is al jaren bekend bij economen, demografen en statistici. De politiek heeft er echter lange tijd weinig aandacht voor gehad, totdat ze er onlangs op werd gewezen door de Commissie-Bakker. De kern van het probleem ligt in het verloop van generaties, waarbij een grote generatie, geboren tussen 1946 en 1970, wordt opgevolgd door een kleinere generatie, geboren na 1970. In 2011 gaat de eerste grote jaargang, de ‘babyboom’ van 1946, met pensioen. Vanaf dat moment tot zeker 2035 bereiken er elk jaar meer mensen de pensioengerechtigde leeftijd, dan er van school af komen. Dat betekent dat het arbeidspotentieel, de totale bevolking tussen 15 en 65 jaar oud, gaat dalen. Dit is in talloze statistieken zichtbaar, een handige om in één keer overzicht te krijgen is de bevolkingspiramide van het CBS.
Globalisering
Tegelijkertijd blijft Nederland banen creëren. En zo moet het ook, een gezonde economie als de onze expandeert immers, en dat leidt tot meer werk. Anderzijds verdwijnt een deel van het werk naar opkomende economieën als China en India. Hier gaat het overwegend om laaggeschoolde en lager gewaardeerde arbeid. In Nederland wordt het verdwijnen van deze arbeid meer dan gecompenseerd door de groei van middelbaar en hoger geschoold werk. Per saldo komen er al jaren banen bij. De banengroei zal zich ook in de toekomst voortzetten, zo blijkt ondermeer uit de Arbeidsmarktprognose 2008-2013 van het CWI. Gezien de daling van het arbeidspotentieel is het verdwijnen van de minder aantrekkelijke banen naar landen in de Derde Wereld moeilijk als een probleem te zien. Eerder is dit een oplossing: wij hebben zelf niet de mensen om dit werk te doen. Hier komt bij dat er in Derdewereldlanden lagere lonen worden betaald, waardoor de daar geproduceerde goederen goedkoper in de schappen van onze winkels komen te liggen. Het mes van de globalisering snijdt hier aan twee kanten: in de Derde Wereld stijgt de levensstandaard doordat men werk vindt, bij ons omdat prijzen dalen.
Personeelstekort oplossen
De nieuwe banen die Nederland creëert (en wíl creëren) liggen op het vlak van de middelbaar en vooral hoger geschoolde arbeid. Hier zullen zich in de toekomst tekorten op de arbeidsmarkt voordoen. De kans op werkloosheid wordt, zoals de Commissie-Bakker terecht opmerkte, vanaf 2011 kleiner. Het motto is dan ook dat iedereen aan het werk ‘moet’. Er zijn goede maatregelen die de benutting van het arbeidspotentieel kunnen verbeteren. Ik noem hiervan: het sneller herplaatsen van mensen die hun baan kwijtraken (de voorstellen voor de nieuwe WW), het bevorderen van de arbeidsparticipatie van vrouwen en arbeidsongeschikten, het zeer gemakkelijk maken van de combinatie van werk en zorg voor kinderen en investeren in onderwijs aan alle Nederlanders (inclusief de huidige migranten). Daar waar dit nog niet voldoende, of niet de juiste mensen oplevert, zal Nederland zijn deuren open moeten zetten voor personeel uit het buitenland. Gezien de andere vraag, betekent dit voor een deel een ander type immigranten dan we uit de tweede helft van de vorige eeuw kennen: migranten met een hoger opleidingsniveau en een betere aansluiting op onze arbeidsmarkt en samenleving. Die omslag is gaande, maar moet deels ook nog gemaakt worden.
Welkom
Deze migranten moeten wel welkom zijn. Als Nederland zich naar binnen keert tot provincialisme, populisme en nationalisme, immigratie buiten de deur houdt en wantrouwig staat tegenover globalisering, komen onze economie en onze levensstandaard in het gedrang.
Rikco Pardoen | Businesscompleet.nl