MKB Marktplaats
Siemens: 80 procent Nederlandse bedrijven is groen
DEN HAAG - Een groen imago is voor veel bedrijven erg belangrijk. Zo'n 80 procent van de Nederlandse bedrijven loopt in lijn of zelfs voor op de milieudoelstellingen van het kabinetsprogramma 'Schoon en Zuinig'. Ongeveer de helft van de bedrijven ziet echter niets in een verplichting van overheidswege, maar een grote stad als Rotterdam pleit hier juist voor.
Dat blijkt uit onderzoek dat Siemens liet verrichten naar de effecten van de kredietcrisis op energiebesparende investeringen in gebouwen. Opvallend is verder dat een groot percentage (zo'n 40%) van de bedrijven zich niet realiseert dat energiebesparende maatregelen vaak economisch aantrekkelijk zijn. Andere geven aan dit wel te weten, maar niets met die kennis te doen.
Aan het onderzoek namen CEO's en directeuren deel van 68 grote en middelgrote bedrijven. Het kabinetsprogramma Schoon en Zuinig - 30 procent minder CO2-uitstoot in 2020 ten opzichte van 1990, een verdubbeling van het tempo van energiebesparing van 1 naar 2 procent per jaar en een aandeel van 20 procent duurzame energie in 2020 - vormde een van de ijkpunten van het onderzoek. Nederland wil met Schoon en Zuinig internationaal het goede voorbeeld geven.
Economisch voordeel
Grote steden dragen voor 75 procent bij aan de CO2-uitstoot. Volgens Siemens kan de emissie dus juist daar worden teruggedrongen door te investeren in energiebesparende maatregelen in de gebouweninfrastructuur.
Rotterdam Climate Initiative
Rotterdam eindigde dit jaar als dertiende in de European Green City Index, een ranglijst die de duurzaamheid van zo'n dertig Europese (hoofd)steden in kaart brengt.
Doel is om in 2025 een verlaging van vijftig procent minder CO2-uitstoot te bereiken ten opzichte van 1990 en honderd procent klimaatbestendig te zijn. Verhoeven: ''Uniek is dat wij een integrale samenwerking zijn aangegaan tussen gemeente en het bedrijfsleven, waarin ook universiteiten en hogescholen actief participeren. Samen benaderen we de klimaatverandering niet als een bedreiging, maar als een kans om in Rotterdam economische groei te bereiken die hand in hand gaat met sociale duurzaamheid. Dit betekent een bloeiende stad, met veel economische en industriële activiteit, die aantrekkelijk blijft voor bewoners én bedrijven. Voor gemeente Rotterdam is de samenwerking tussen de publieke en private sector dus cruciaal.''
Regelgeving
Verhoeven plaatst een kanttekening bij het al dan niet verplicht stellen van energiebesparende investeringen: ''Ik kan mij voorstellen dat de meeste bedrijven daar niets in zien, maar om de geplande CO2-verlaging te bereiken, is regelgeving nodig. Hiermee kun je overigens ook hindernissen wegnemen die een duurzame investering, bijvoorbeeld voor woningcorporaties, in de weg staan. In een goede publiek-private samenwerking snijdt het mes altijd aan twee kanten.''
The money is in the building
Max Remerie, directeur Siemens Building Technologies (BT) Nederland: ''The Money is in the building. Gebouwen zijn verantwoordelijk voor maar liefst 40 procent van het wereldwijde energieverbruik. Ook blijkt uit onderzoek dat 70 procent van de klimaatbeheersystemen niet goed functioneert. Dat heeft een nadelig effect op de energiefactuur én het milieu. Optimaal inregelen van de klimaatinstallatie alleen al kan leiden tot een besparing van 30 procent''.
Mark Boot, Manager Energy Siemens BT: ''Als je bedenkt dat 80 procent van het energieverbruik plaatsvindt gedurende de exploitatiefase van het gebouw, is het logisch dat je bij het verduurzamen de focus legt op de bestaande bouw. Een gebouwbeheerder moet goed weten wat zijn gebouw doet. Uiteindelijk wordt het energieverbruik bepaald door hoe hij met zijn systemen omgaat. Door het monitoren van het energieverbruik wordt duidelijk waar het besparingspotentieel ligt. Dit kan ondernemingen heel veel geld besparen.''
(c) ANP 2010 alle rechten voorbehouden



