MKB Marktplaats
Uitzendbaan goede opstap naar vast werk
AMSTERDAM - Baanzoekers die via een uitzendbureau aan de slag gaan, hebben evenveel kans op langdurig betaald werk als kandidaten die direct bij een baas in dienst treden. Uitzendwerk blijkt daarmee een goede opstap te zijn naar duurzaam werk.
Dat is een van de opvallendste uitkomsten van een uitgebreid onderzoek naar de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt van onderzoeksbureau SEO. Voor het onderzoek, dat SEO uitvoerde in opdracht van het CWI en de bond van uitzendbureaus ABU, werden 1,2 miljoen Nederlanders die zich tussen 2001 en 2005 bij het CWI hebben ingeschreven 2,5 jaar lang gevolgd.
Door dit omvangrijke onderzoek ontstaat voor de eerste keer een goed beeld van hoe de carrire van baanzoekers verloopt. De onderzoekers hebben in detail kunnen nagaan wanneer kandidaten wel of geen betaald werk hebben kunnen houden.
Door de gezamenlijke inspanningen heeft 67,5 procent van de bij het CWI ingeschreven werkzoekenden na 30 maanden nog steeds werk, zo blijkt uit de cijfers. Veruit het grootste deel is dan bij een baas in dienst. Zowel het CWI als de uitzendbureaus toonden zich tevreden over de resultaten.
Het maakt daarbij nauwelijks uit of werkzoekenden beginnen met een baan als uitzendkracht, of besluiten meteen voor een baas te gaan werken. Van de eerste groep heeft 62 procent na 30 maanden nog steeds werk. Een flink deel, 42 procent, werkt dan voor een baas, terwijl 16 procent voor een uitzendbureau werkt.
Van de werkzoekenden die meteen met een direct dienstverband begonnen, heeft 69,9 procent na 2,5 jaar nog steeds werk. Van die groep werkt 5,3 procent als uitzendkracht.
Voor werkzoekenden met een relatief grote afstand tot de arbeidsmarkt, zoals ouderen, allochtonen en laagopgeleiden, zijn de vooruitzichten minder rooskleurig. Volgens de analyses van SEO hebben zij een aanzienlijk kleinere kans om via uitzendwerk een baan bij een baas te verwerven.
Het CWI en de ABU werken aan maatregelen om ook deze groepen uitzicht te bieden op een direct dienstverband. Zo overweegt de uitzendbranche geld te investeren in scholing van uitzendkrachten. De uitzenders willen daarbij graag samenwerken met het CWI.
Het CWI en de uitzendbureaus zijn geen rivalen, maar vullen elkaar juist aan, zo stellen de onderzoekers. Een fors deel (1 op de 3) van de vacatures die het CWI aanbiedt aan werkzoekenden wordt aangeboden door uitzendbureaus. De uitzendbureaus hebben op hun beurt de klanten van het CWI hard nodig om alle openstaande vacatures te vervullen. Bron: Volkskrant
Dat is een van de opvallendste uitkomsten van een uitgebreid onderzoek naar de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt van onderzoeksbureau SEO. Voor het onderzoek, dat SEO uitvoerde in opdracht van het CWI en de bond van uitzendbureaus ABU, werden 1,2 miljoen Nederlanders die zich tussen 2001 en 2005 bij het CWI hebben ingeschreven 2,5 jaar lang gevolgd.
Door dit omvangrijke onderzoek ontstaat voor de eerste keer een goed beeld van hoe de carrire van baanzoekers verloopt. De onderzoekers hebben in detail kunnen nagaan wanneer kandidaten wel of geen betaald werk hebben kunnen houden.
Door de gezamenlijke inspanningen heeft 67,5 procent van de bij het CWI ingeschreven werkzoekenden na 30 maanden nog steeds werk, zo blijkt uit de cijfers. Veruit het grootste deel is dan bij een baas in dienst. Zowel het CWI als de uitzendbureaus toonden zich tevreden over de resultaten.
Het maakt daarbij nauwelijks uit of werkzoekenden beginnen met een baan als uitzendkracht, of besluiten meteen voor een baas te gaan werken. Van de eerste groep heeft 62 procent na 30 maanden nog steeds werk. Een flink deel, 42 procent, werkt dan voor een baas, terwijl 16 procent voor een uitzendbureau werkt.
Van de werkzoekenden die meteen met een direct dienstverband begonnen, heeft 69,9 procent na 2,5 jaar nog steeds werk. Van die groep werkt 5,3 procent als uitzendkracht.
Voor werkzoekenden met een relatief grote afstand tot de arbeidsmarkt, zoals ouderen, allochtonen en laagopgeleiden, zijn de vooruitzichten minder rooskleurig. Volgens de analyses van SEO hebben zij een aanzienlijk kleinere kans om via uitzendwerk een baan bij een baas te verwerven.
Het CWI en de ABU werken aan maatregelen om ook deze groepen uitzicht te bieden op een direct dienstverband. Zo overweegt de uitzendbranche geld te investeren in scholing van uitzendkrachten. De uitzenders willen daarbij graag samenwerken met het CWI.
Het CWI en de uitzendbureaus zijn geen rivalen, maar vullen elkaar juist aan, zo stellen de onderzoekers. Een fors deel (1 op de 3) van de vacatures die het CWI aanbiedt aan werkzoekenden wordt aangeboden door uitzendbureaus. De uitzendbureaus hebben op hun beurt de klanten van het CWI hard nodig om alle openstaande vacatures te vervullen. Bron: Volkskrant




